Het verloop van een technisch ruimtelijk onderzoek op aanwezigheid van afluisterapparatuur

Vergeet al die clichés die je hebt gezien op televisie of films. Daar wordt een onderzoek naar de aanwezigheid van afluisterapparaten meestal door middel van een klein, simpel apparaatje uitgevoerd. Dit apparaatje zou zogezegd aangeven of er al dan niet afluisterapparatuur in de ruimte aanwezig is door middel van een signaal. Dit is op zijn minst je reinste onzin te noemen. Ook de wand detectoren, wandscanners en testapparatuur voor afluisterapparaten, allerlei toebehoren voor afluisterapparatuur en zoveel meer, die vaak worden aangeboden in internetwinkels, zijn zelfs bij hoge kwaliteit enkel geschikt voor eigen gebruik, en niet geschikt tot contraspionage – de handelaars zijn zeer vindingrijk wat betreft naamgeving voor deze apparaten.

De instrumentatie en de fysieke inspectie van de gebouwen op aanwezigheid van technische middelen die zich tot het afluisteren zouden kunnen lenen, evenals het onderzoek van installaties in deze ruimtes, alsook alle toonaangevende externe transmissievarianten, vereisen het gebruik van een verscheidenheid aan onderzoekstechnieken waarmee kan worden vastgesteld of de ruimtes worden afgeluisterd of zuiver zijn. In feite zijn er verschillende manieren om gesprekken over te dragen vanuit kwetsbare ruimtes, zodat het ruwweg onachtzaam zou zijn om slechts één transmissieweg te onderzoeken.

De eerste stap bij de zoektocht naar afluisterapparatuur is het visueel onderzoek van het geheel aan lokalen en hun technische uitrusting. Hiertoe behoren ook moeilijk toegankelijke plekken zoals ondergrondse holtes en plafonds; in het bijzonder ruimtes met hoge plafonds. Om zulk een onderzoek te kunnen uitvoeren, worden er metaaldetectors, videocamerasystemen en endoscoopsystemen ingezet. Met behulp van deze optische en videotechnische apparatuur tracht men een optimaal inzicht in de kwetsbare gebieden te verkrijgen. Tot de visuele controle behoort ook het controleren van deuren en vensters. Hierbij moeten vaak binnenwelvingen worden onderzocht. Daar op aansluitend worden ook de in de ruimte aanwezige gevaarhaarden tot afluisteren zoals verwarming, airconditioning of ventilatiesystemen onderzocht; net zoals het geheel aan voorwerpen die in de ruimte voor handen zijn (inclusief eventuele decoraties en bloemen). Tot slot worden de muren volledig centimeter per centimeter onderzocht op potentiële gevaren.

Moderne contraspionage moet door middel van endoscopie, in elk geval een onderzoek van moeilijk toegankelijke gebieden zoals holten, lege pijpen, voeringen, evenals gereedschap of meubilair– als hierboven beschreven – verzekeren. Driedimensionale endoscopie laat de contraspionage elektricien toe, een doelgericht onderzoek naar afluisterapparaten te realiseren; ook op moeilijk bereikbare plaatsen.

Een visueel onderzoek van de kamers wordt aangevuld door een bijkomend visueel onderzoek van de aangrenzende gebieden. Hiertoe behoren bijvoorbeeld gedeeltes van het gebouw in de buurt van vensters. Tot zulk een onderzoek wordt natuurlijk enkel overgegaan waar mogelijk, want op de 27ste verdieping van wolkenkrabber die 40 verdiepingen telt, zijn er buitenshuis slechts beperkte meetmogelijkheden. Stel, dat er binnen het kader van een extern onderzoek lijdingen worden ontdekt die niet identificeerbaar zijn en waarvan het gebruik niet kan worden bewezen, worden de ongebruikte lijdingen noch verwijderd, noch buiten werking gesteld. Hetzelfde geldt voor elektronische onderdelen die in het kader van het onderzoek werden waargenomen.