Opsporen van draadloze zendmethoden

Voor het detecteren van draadloze zendmethoden voert men metingen uit om vast te stellen of er actieve optische zendmethoden, bijvoorbeeld in de vorm van infrarood zenders of laserstraling, aanwezig zijn. Hiertoe gebruikt men NF versterkers met infrarood sensoren en/of infrarood beeldversterking. Hiermee kan men een eventuele laserstraling detecteren. Ook door een vergelijkend spectrum analyse van het NF signaal van zulk een infrarood sensor kan men eventuele aanvallen vaststellen.

HF-Sonde

Bovendien volgt er een real-time spectrum onderzoek naar het verschil in radio frequenties. Hierbij wordt vastgelegd iedere individuele frequentie haar oorzaak vindt. Dit doet men door het continue meten van de veldsterkte tussen de gebieden waarin er wordt gezocht naar afluisterapparatuur en hun omliggende gebouwen. De metingen worden gevoerd met een spectrum analysator tot 8 GHz.

In het kader van het opsporen van draadloze zendmethoden wordt overigens door middel van een speciale versterker “CPM” een veldsterkte meting doorgevoerd. We spreken hier van een breedband, korte golf ontvanger die signalen tot 12 GHz kan ontvangen.

De analyse van een 1-kanaalszender wordt gevoerd bij een bereik tot 2.6 GHz, waarbij de te onderzoeken oppervlaktes van de op afluisterapparatuur te onderzoeken ruimtes, worden gevuld met een inspectiesignaal. Er wordt uiteindelijke een drempelwaarde vastgelegd door simulatie met een testzender die door de contraspionage technicus in het proefbereik werd ingezet; gaand tot een bereik van 2.6 GHz proefruimte werd ingezet bij een bereik van 2.6 GHz.